Contour Mechelen VZW organiseert voor de zevende keer de Biënnale voor bewegend beeld. Op vijf locaties kunnen liefhebbers van film, video, installatie en performance terecht voor het werk van eenentwintig internationale kunstenaars. De selectie gebeurde door curator Nicola Setari en wordt opgedragen aan Thomas More.

Elke editie geeft de kans aan een nieuwe curator. De selectie gebeurt op basis van visies of thema’s die de mogelijke curatoren aanbieden.  Ook de locaties veranderen: er is steeds een link met de geschiedenis en het kunstwerk. Dit jaar is het centrale thema Thomas More. Die ovatie is niet toevallig. De Engelse humanist, jurist, filosoof en staatsman was vijfhonderd jaar geleden actief in Mechelen.

Het boek gaat in op de sociale, religieuze en politieke gebruiken van een groep bewoners op het fictief eiland Utopia.

De Biënnale rust op twee inhoudelijke pijlers: Fooling Utopia en Monsters, martelaren en media. Fooling Utopia gaat over het nut van utopieën in de maatschappij.  Toen More in Mechelen verbleef, was hij bezig met het schrijven van Utopia (1516). Het boek gaat in op de sociale, religieuze en politieke gebruiken van een groep bewoners op het fictief eiland Utopia. Het schetst een beeld van het toenmalige Europa en uit heel wat kritiek, die nog steeds actueel is bij onderwerpen als de Grexit. Ook de Lof der Zotheid (1511) van Desiderius Erasmus past hierin. Dit boek werd opgedragen aan More. Monsters, martelaren en media  is de tweede pijler en gaat over de relatie tussen monsters en martelaren in actuele en oude media. Het verschil wordt troebel zodra ze in de molen van de massamedia terecht komen. Het logo symboliseert de wisselwerking tussen beide pijlers. Tento.be selecteerde drie werken die de visie van curator Setari en Contour 7 illustreren.

Andrea Büttner - Piano Destructions

Andrea Büttner – Piano Destructions

Büttner alludeert met Piano Destructions (2014) op Piano Activities (1962) van Fluxuskunstenaar Phil Corner. Fluxus was een internationale avantgardegroep die ontstond aan het begin van de jaren zestig onder impuls van George Maciunias. Liefde voor antikunst was kenmerkend voor het collectief, zoals bij het dadaïsme (1915-1925). In plaats van de wereld te verwerpen, incorporeerden de leden van fluxus de wereld van de bureaucratie en het consumptiekapitalisme. De kunstenaars hanteerden verschillende kunsttalen om sociale wantoestanden aan te kaarten. Zo gebruikte Piano Activities muziek en performance. Het hoogtepunt werd bereikt wanneer Fluxuskunstenaars systematisch een piano vernielen.

De vijfdelige video-installatie van Büttner wil dit opnieuw in de kijker zetten. Ze  gebruikte verschillende archiefbeelden waar piano’s vernietigd worden. Haar eigen video toont dezelfde handeling maar dan uitgevoerd door vrouwen.  Voorheen werden destructies beschouwd als een mannelijke daad.

Michael Fliri I'm A False Prophet

Michael Fliri

I Pray I’m A False Prophet (2015) laat een surreële indruk na op de kijker. De videoperformance toont een onbekend verhaal met geheimzinnige rituelen, elementen die we ook herkennen bij de vijfdelige Cremaster Cycle (1994-2002) van Matthew Barney. Beide werken hebben een verschillend uitgangspunt: waar Barney vertrekt van de mannelijke balspier, belangrijk voor de temperatuurregeling van de zaadballen, combineert Fliri maskers met een citaat van More, dat de titel van het werk werd. De kunstenaar toont een eigentijds martelaarschap. Zo wordt onthoofding vervangen door het maken van een hoofdafdruk. Die handeling  herinnert  aan de dodenmaskers van belangrijke personen. Zo maakte beeldhouwer Jean Antoine Houdon in 1778 via een moulage sur nature het dodenmasker van Voltaire. Het afgietsel werd hetzelfde jaar nog gebruikt voor een buste.

Gebroeders Lumière La sortie des usines Lumière

Gebroeders Lumière - La sortie des usines Lumière

Albert Serra

Serra toont de tweedelige video-installatie The Lord Worked Wonders in Me (2015). De kijker ziet verschillende acteurs wachten voor de start van de opnames van Serra’s Honour of Knights (2006). Ze eten samen, praten over politiek, drugs en liefde of vervelen zich. Het werk lijkt louter te willen tonen in plaats van vertellen, een praktijk die ook de gebroeders Lumière toepasten.

Albert Serra The Lord Worked Wonders in Me

Auguste en Louis Lumière waren filmpioniers die de cinématographe uitvonden in 1895. Dit apparaat kon zowel filmen als projecteren: de eerste keer dat film collectief kon bekeken worden. Typerend voor de pioniers was de korte speeltijd van hun films door de toenmalige technische standaarden. Hierdoor waren de makers verplicht om iets te tonen: narratief werken was nog niet mogelijk. Zo toonde hun La sortie des usines Lumières (1895) in zesenveertig seconden arbeiders die de fabriek verlaten na een werkdag. Serra’s werk breidt dat uit naar negenenzestig minuten louter handelingen.