U bent hier

Voorlopers van Jeroen Bosch

Voorlopers van Jeroen Bosch

De diverse verklaringen van de betekenis van Bosch' œuvre blijken een moeilijke en niet lonende onderneming te zijn. De samenhang van zijn panelen en prenten met die van eigentijdse kunstenaars ontgaat ons voor een goed deel. Over zijn opleiding, over de schilderstrant van zijn vader 'Anthonis Janssoon die maelre' en over die van andere verwanten hebben wij geen weet. De vraag naar de invloeden, die op Bosch hebben ingewerkt, krijgt evenmin een bevredigend antwoord. Hoewel een gedegen overzicht ontbreekt van de bronnen, die deze uitnemende artiest inspireerden, zijn in verschillende kunsttakken gegevens aan te wijzen, die als voorlopers van zijn fantastische kunst mogen gelden. Aanknopingspunten met Bosch vertonen koorbanken, belangwekkende voortbrengselen der houtsnijkunst, die destijds tot het mobilair van vele kerken behoorden. Meestal bestaan zij uit één of twee rijen zetels aan iedere zijde van het koor. Op de in het oog vallende plaatsen is dit kerkmeubel verlevendigd met godsdienstige onderwerpen ontleend aan het Oude en het Nieuwe Testament. Meer verdoken onder de opklapbare zittingen prijken op de misericordias - kleine consoles, waarop men bij het staan kan steunen - profane voorstellingen met fabelachtige dieren, gedrochtelijke wezens, genreachtige tafereeltjes, onderwerpen ontleend aan het dagelijks leven, helemaal in de trant van Bosch. Onder deze van een verrassende levendigheid en een voortdurende verscheidenheid getuigende motieven trekt één speciaal de aandacht dat geregeld op die zitterkens voorkomt, nl. de zeeridder, een fantastische figuur, halfmens en halfvis. Deze aan verluchte bestiara ontleende geharnaste zeekrijger met zwaard en schild gewapend komt in verschillende kerken voor. Deze combinatie van menselijke en dierlijke onderdelen, welke wij overvloedig bij Bosch zelf aantreffen, siert ook soms de randversiering van de vijftiende-eeuwse handschriften. Handschriften met miniaturen zijn op het stuk van het fantastische te rekenen onder de meest representatieve voorlopers van Bosch. Beperken wij ons hier tot één onderwerp, nl. het hellevisioen, dat zowel bij deze schilder, als in de geïllumineerde (met ornamenten versierd) manuscripten met grote regelmaat aanwezig is. De tijdsgebondenheid van dit thema is duidelijk af te lezen uit de belangstelling voor het hiernamaals, die bij de veertiende- en vijftiende-eeuwse mens zeer levendig moet zijn geweest. Wat hem na dit leven wacht, heeft hem toen meer geboeid dan in welke tijd ook. De veelvuldige oorlogen, de omvangrijke pestepidemieën samen met het weer opleven van de idee van het einde der wereld bracht de doodsgedachte in de actualiteit. De weerslag van deze gebeurtenissen liet zich zowel in de letterkunde, als in de kunst sterk gevoelen. Een uitstekend exempel van deze eschatologische (eschatologie: leer der laatste dingen: in de dogmatiek al wat geleerd wordt aangaande 's mensen lot na de dood, het oordeel enz...) litteratuur is het traktaat van Dionysius de Karthuizer gewijd aan de vier uitersten, waarin de hel uitvoerig wordt beschreven. Een in de Nederlanden ontstane kopie van dit geschrift berust in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel en bevat een diabolisch helletafereel, dat wriemelt van duivels en wangedrochten. In deze lugubere plaats der verschrikking bedrijven monsters gruwelijke folteringen aan de lopende band. Links op de voorgrond worden drie mensen geroosterd door weerzinwekkende demonen, van wie één het vuur met een blaasbalg aanwakkert. Rechts vooraan hakt een duivel, bedreven als een beul, de ledematen van een gestrafte af. Weerloos ligt een man spiernaakt op een aambeeld en wordt door vier helbewoners gesmeed. Een groep veroordeelden wacht onder het oog van duivelse wezens gelaten op de nakende en voor hen onoverkomelijke bestraffing. In de achtergrond tussen steile rotsen en te midden van vuur en vlammen houdt een hybridisch wezen een gloeiende pot met kokende verdoemden in handen en mond. Slechts de kleurrijke randversiering, die de tekst en de miniatuur omgeeft, brengt enige verpozing. Hiëronymus Bosch heeft beslist soortgelijke miniaturen met laatste oordeel- en hellevoorstellingen gekend. De hel in zijn hooiwagendrieluik uit Lissabon is hiervan een bijzonder sprekend bewijs.