U bent hier

Jacopo del Sellaio - Orfeus en Eurydice

Jacopo del Sellaio - Orfeus en Eurydice
Jacopo del Sellaio (1442-1493), Orfeus en Eurydice, Tempera op hout, 58,5 x 176 cm, Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam

 

Jacopo del Sellaio, die dit schilderij niet gesigneerd heeft, maar wel beschouwd wordt als de schilder ervan, leefde in de stadstaat Florence ten tijde van de machtige bankiersfamilie der Medici. Behalve religieuze voorstellingen schilderde hij op latere leeftijd veel zogenaamde cassonepanelen

 

Een cassone is een grote langwerpige kist, die voorzien van familiewapens dikwijls bij een huwelijk ten geschenke werd gegeven. De voorkant was in dat geval beschilderd met een voorstelling, die vaak betrekking had op de liefde. Het opvallende formaat en het onderwerp van dit schilderij wijzen erop, dat we met een dergelijk casonnepaneel te doen hebben.

 

Het verhaal dat verteld wordt behelst enkele episoden uit de mythologische liefdesgeschiedenis van Orfeus en Eurydice.

 

De schilder laat de scènes in een bos- en waterrijk dal spelen; in de verte zien we grillige rotspartijen en enige kerken en kloosters, in het midden een begroeide berg met enkele herten. Links tussen de bomen, achter de schapenkudde, heeft Orfeus zojuist zijn muziekspel, waarnaar twee herders stonden te luisteren, gestaakt, omdat een derde herder hem het bericht komt brengen van de dood van zijn geliefde Eurydice. In het midden wordt zij op de vlucht voor de verliefde herdersgod Aristaios door een slang in haar voet gebeten.

 

Rechts dragen twee demonen met horentjes en hanepoten haar levenloze lichaam de onderwereld binnen. Nog vaag zichtbaar is de rookkolom, die eruit opstijgt.

 

Sellaio heeft de drie achtereenvolgende scènes in één landschap geplaatst en zoveel samenhang en evenwicht in de compositie gebracht, dat de suggestie wordt gewekt van een normale eenheid van tijd, plaats en handeling. Dit in tegenstelling tot vroegere cassonepanelen, waarop soms wel acht verschillende scènes door struikgewas of architectuur min of meer van elkaar gescheiden, als een stripverhaal over het beeldvlak liepen.

 

De lichte manier van schilderen, die nauwelijks volume geeft aan de figuren, de beweeglijke lijnen, vooral in de uitgewerkte, grillige plooienval en het type landschap met de aandacht voor naturalistische details, doen denken aan de stijl van Boticelli, in wiens atelier Sellaio als cassoneschilder gewerkt moet hebben. Juist deze vertellende en verfijnde stijl voldeed uitstekend aan de voorkeur die de welgestelde opdrachtgevers voor betekenisvolle onderwerpen met een zekere aristocratische allure aan de dag legden.

 

We kunnen ons nu afvragen of de voorstelling van ons schilderij in verband met een huwelijk nu wel zo betekenisvol was.

 

Het blijkt echter gewoonte te zijn geweest cassones steeds per jaar als pendanten, bij vorstelijke huwelijken ook wel per twee paren, te geven, om juist in het contrast van de voorstellingen een bepaalde symboliek tot uitdrukking te brengen. Bijvoorbeeld in het contrast tussen gevaar en redding, hoop en vervulling, verlies van vertrouwen en herwinning van vertrouwen.

 

Van ons schilderij zijn twee bijbehorende panelen bekend. Op de ene heeft Orfeus door zijn muziekspel Pluto, de heerser van de onderwereld, bewogen om Eurydice aan hem terug te geven; hij verliest haar echter weer, doordat hij het verbod om naar haar om te kijken overtreedt (zie afb.) Op het andere heeft Orfeus Eurydice definitief verloren en staat hij als een oude gebroken man muziek te maken voor de dieren; rechts boven speelt hij bij een memorietempeltje ter nagedachtenis aan Eurydice die hij op deze wijze zijn trouw betuigt, (zie afb.).

 

Het verhaal van Orfeus en Eurydice heeft een lange traditie. Sinds de Grieken heeft elke tijd het op zijn eigen wijze gestileerd en bepaalde aspecten ervan benadrukt. In de tijd van Sellaio was het verhaal niet alleen bekend door het Orfeusdrama van de dichter Angelo Poliziano, maar ook door vertalingen van Ovidius' Metamorfosen en Vergilius' Georgica, en door middeleeuwse bewerkingen zoals de Ovide Moralisé en Boccaccio's De Genealogiis Deorum. Vooral door toneelvoorstellingen, optochten en openbare voorlezingen (bv. van Vergilius' Georgica door Poliziano in 1483 te Florence) werd een dergelijk verhaal ook buiten de kring van geleerde humanisten bekend.

 

De in die tijd vooral naar voren komende aspecten waren Orfeus als het model van de hoofse minnaar in een romantische liefdesrelatie en Orfeus als dichter en vandaar als beschaver van de barbaarse middeleeuwen. Bovendien hechtte men een meer moralistische betekenis aan het verhaal door het in symbolische zin als levensles te zien. Het gaat dan met name om het conflict tussen rede en gevoel. Orfeus stelt het redelijke deel van de menselijke ziel voor en Eurydice het natuurlijke deel, de passies en verlangens. Omdat zij voor Aristaios, de goede deugd (letterlijk: het beste), op de vlucht slaat, wordt Eurydice gedood. Orfeus daalt af tot in de diepste ellende (de onderwereld) en vindt hierdoor genade voor Eurydice, d.w.z. voor de gehele ziel. Door gebrek aan vertrouwen en volharding vervalt hij weer in de oude tegenstellingen en verliest daarmee Eurydice en de genade. Als dichter en musicus stelt Orfeus de ziel voor die in haar totale overgave aan God de passies van de natuur (de wilde dieren) tot harmonie kan brengen.

 

Door het ontbreken van de oorspronkelijke kisten met familiewapens kunnen we moeilijk zeggen welke families hier in het spel waren. Wel zou er iets uit de voorstellingen af te leiden kunnen zijn, daar deze door de opdrachtgevers bepaald werden. Opvallend is bijvoorbeeld op ons schilderij de hond met de halsband, die we in profiel links op de voorgrond zien. Hij is eigenlijk een beetje te groot naar verhouding tot zijn omgeving en ligt erbij alsof hij niets met het gebeuren te maken heeft. Hij zou een veel algemener betekenis kunnen hebben. Zo kan hij bijvoorbeeld als beeld van trouw bedoeld zijn, hetgeen in overeenstemming zou zijn met een gebruikelijke symboliek uit die tijd en bovendien zeer toepasselijk voor een huwelijkscassone. Ook op het schilderij van Orfeus met de dieren komen dergelijke honden voor. Verder weten wij dat de familie Gonzaga, die over Mantua heerste, zo'n hond als embleem voerde onder het motto Fides (Trouw).

 

Dezelfde familie gaf de Florentijnse hofdichter Angelo Poliziano opdracht om het reeds genoemde Orfeusdrama te schrijven. Met dit drama is op de schilderijen wel enige verwantschap te vinden. Op grond hiervan zouden we kunnen veronderstellen, dat deze cassonestukken geschilderd werden ter gelegenheid van een Gonzaga-huwelijk. Gezien de vermoedelijke datum van Poliziano's Orfeo en de tijd waarop wij Sellaio's schilderijen volgens hun stijl kunnen dateren, zou dat het in 1480 gesloten en in 1490 ingewijde huwelijk tussen Francesco Gonzaga en Isabella d'Esté, dochter van de heersende familie te Ferrara, kunnen zijn.

 

Vanzelfsprekend heeft dit schilderij voor ons aan een museummuur niet meer dezelfde betekenis als voor de Gonzaga's bij hun echtelijk bed. Wel is het behalve een sprekend document van het culturele leven uit die tijd, één van de mooiste cassonepanelen van een schilder die terecht daaraan zijn grootste bekendheid dankt.